Een logische vraag die opkomt bij medische problemen is waarom het gebeurd is.
Het is belangrijk om deze vraag niet te verwarren met de vraag wat er gebeurd is in het lichaam dat ervoor gezorgd heeft dat de klachten zijn ontstaan. Omdat dit twee verschillende onderwerpen zijn, worden ze hieronder apart behandeld.
We behandelen de tweede vraag eerst: 'Wat is er gebeurd in het lichaam waardoor de klachten zijn ontstaan?' of anders 'Hoe werkt het?'
Voor alle symptomen die beschrijven zijn op deze website is het basale antwoord dat er een probleem is ontstaan in de functie van het zenuwstelsel. De werking is veranderd, waardoor signalen tussen het lichaam en de hersenen en de verwerking van signalen in de hersenen anders werken.
Bij symptomen als spierzwakte en bewegingsproblemen is er een probleem met de manier waarop de hersenen verbinding maken met het lichaam. De signalen die de hersenen naar het lichaam zenden komen niet of verkeerd aan.
Voor symptomen als gevoelsverlies en pijn is er juist een probleem met de manier waarop de hersenen signalen uit het lichaam ontvangen en verwerken.
Tijdens dissociatieve toevallen of dissociatieve symptomen zijn de hersenen in een schijnwerkelijkheid, een beetje vergelijkbaar met hypnose.
In wetenschappelijk onderzoek wordt de complexiteit van wat er mis gaat in het zenuwstelsel nu een beetje beter begrepen. Vooral bij chronische pijn is hier veel onderzoek naar gedaan.
Scans die de functionaliteit en activiteit van de hersenen laten zien, geven hersendelen weer die actief of onderactief zijn tijdens symptomen van de patiënten in de scanner. Een voorbeeld van zo'n scan is te zien hier rechts.
Bij chronische pijn weten we dat er veel veranderingen ontstaan in het zenuwstelsel die niet te zien zijn op normale scans. Deze veranderingen onstaan in de uiteinden van zenuwen, in het ruggemerg en het meest belangrijke in de hersenen zelf.
Er zijn een aantal processen in het zenuwstelsel die zich gedragen als kleine volume knoppen. Als iemand chronische pijn heeft, zijn deze volume knoppen omhoog gedraaid, wat ervoor zorgt dat de persoon in kwestie sensitiever is voor pijn: signalen die pijn veroorzaken, worden sterker waargenomen, waardoor pijn onstaat.
We weten nog veel niet over de manier waarop het zenuwstelsel werkt, en dus ook niet over wat er verkeerd gaat in functionale symptomen, maar het is geen compleet mysterie.
In heel veel anderen neurologische ziekten kan je op een hersenscan of onder een microscoop zien wat het probleem is, dan zijn er veranderingen te zien vergeleken met de normale situatie, bijvoorbeeld bij MS of de ziekte van Parkinson. Patienten met functionale symptomen hebben geen schade aan het zenuwstelsel en dus is het niet verrassend dat er ook geen veranderingen zijn te zien op een normale hersenscan. In plaats daarvan is een probleem in het functioneren van het stelsel, de werking is veranderd.
Als de mens een computer was, zou het probleem te vergelijken zijn met een software probleem. Er is niets mis met de bedrading of de chips in de computer - de hardware is in orde - maar de werking is toch aangetast. Als een computer een software probleem heeft, kan hij vastlopen of heel langzaam gaan werken. Het zou niet helpen om dan de computer open te maken en de componenten te bekijken. Je zou niets zien als je een scan van de computer zou maken. Wat wel een oplossing zou zijn, is om de computer opnieuw te programmeren en uit te zoeken welke programma's het probleem zijn.
Mensen zijn natuurlijk veel ingewikkelder dan computers. Onze gedachten, emoties, ons gedrag en onze beleving zijn onze programma's.
De volgende pagina beschrijft een deel over wat iemand kwetsbaar kan maken om functionel stoornissen te ontwikkelen.
Het in kaart brengen van de hersenen door middel van scans zorgt ervoor dat we beter beginnen te begrijpen hoe het zenuwstelsel werkt en wat er fout zou kunnen gaan bij mensen die functionele symptomen hebben.
Dit plaatje laat een SPECT scan zien van een patiënten met functionele spierzwakte en gevoelsstoornissen in één kant van het lichaam. De scan laat zien dat een deel van de hersenen aan de andere zijde van het lichaam niet goed werkte (het gele deel).
Dit type scans laat zien dat het zenuwstelsel en de hersenfunctie verkeerd werkt bij deze aandoeningen. Dat betekent niet dat er niets aan te doen is.
Plaatje uit Vuilleimier et al. Brain 2001
You are viewing the text version of this site.
To view the full version please install the Adobe Flash Player and ensure your web browser has JavaScript enabled.
Need help? check the requirements page.